Het noodlot van een kevertje

kevertje
Het slachtoffertje van een waarden conflict

Een boze jager, onrust en een kevertje

Vandaag wandelde ik in de bergen. En hoewel de fysieke dimensie de boventoon voerde, gaat deze blog daar niet over.

Na een kilometer klimmen, steeg ik uit boven het wolkendek van Samoëns en betrad een sprankelende wereld. In de zon stond ook een jager met geweer en zonder hond. Hij droeg zijn camouflagekleding met daaroverheen het knaloranje verkeershesje alsof daar niets paradoxaals aan was. In het Frans vroeg hij of ik zijn hond had gezien tijdens de beklimming van de berg. Nee, niet gezien, zei ik in het Nederlands en aan de grimmige uitdrukking die op zijn gezicht verscheen, begreep ik dat hij mijn bijbehorende lichaamstaal verstond. Hij was voelbaar boos. Op de vermiste hond? De mist? De gemiste dieren (zijn handen waren op het geweer na leeg)? Op mijn missen van zijn hond?

Ik ervaarde enige onrust toen ik mijn weg vervolgde met een in mijn voetsporen lopende boze jager met geweer. En toen kwam de kever op mijn pad. Liggend op zijn rug, hulpeloos spartelend, de warmte van de zon waarschijnlijk niet waarderend. Een kleine moeite om het arme ding te redden van een schroeiend stervensproces en weer met de glimmende kant naar boven te keren. Laat ik er hier maar direct voor uitkomen: wurmen die na de vochtige ochtend liggen uit te drogen op mijn hardlooppad deponeer ik in het gras, allerhande zich binnenskamers bevindende insecten vertrouw ik – met behulp van een glas – weer toe aan de seizoenen en getormenteerde torren kantel ik.

Zo ben ik! Vandaag echter niet.

Het noodlot van het kevertje

De mogelijke afwijzing van één medemens – die gezien zijn hobby waarschijnlijk een iets ander idee heeft over de waarde van niet menselijke wezens dan ondergetekende levensminnende vegetariër – doet mij besluiten over de kever heen te stappen en door te lopen. Het redden van de kever is mij blijkbaar minder dierbaar dan het oordeel van een vreemde. Enigszins in verwarring over mijn gedrag stap ik voort. Waar ligt mijn grens? Zou ik in dezelfde situatie een kikker redden? Een muis? Een konijn? Zijn hond? Een mens? Zou ik de kever redden als de man een vrouw was? Een kind? Na enig zelfonderzoek en hantering van gevoelens van schuld en schaamte, kom ik tot het stellige voornemen dat dit me niet meer gaat gebeuren. Voortaan ga ik staan voor mijn innerlijke waarde, wat men ook moge denken!

Op de terugweg keek ik of ik de kever nog zag liggen. Nergens te vinden. In stilte koester ik het beeld van de paradoxale jager die hem achter mij omdraaide.

Een gedachte over “Het noodlot van een kevertje”

Reacties zijn gesloten.